Toevallige ontmoeting deel 3: over asperges en een Zundapp.

Het is aspergetijd. Heerlijk. In  mijn omgeving ( Brabant) vind je veel telers van dit ” witte goud”. Op diverse plaatsen in het buitengebied staan voor de boerderijen bordjes met ” asperge te koop” Als wij hier asperge eten, dan gaan wij dus rechtstreeks naar de boer. In tegenstelling tot de asperge in de supermarkt, komt de asperge bij de boer “rechtstreeks van het land”. En in de regel is deze naast supervers ook nog eens een stuk goedkoper.

Gisteren gingen partner en ik op pad voor een kilootje wit goud. En een doosje verse eieren. Waar wij onze asperge kopen loop je bij de boerderij achterom, word je verwelkomt door de blaffende huishond,  ga je de schuur binnen en druk je op het belletje.

Voor de ingang van de schuur stond een aftandse oude Gazellefiets en manlief raakte hierover met de boer aan de praat. Vanteen kwam hettander en al snel werd er gesproken over de tijd dat boer (bijna 70) en partner beschikten over een Zundapp, die manlief ( achteraf heel spijtig) nooit had moeten verkopen.

Toen bleek de boer een verrassing te hebben. “Kom maar eens mee”  zei hij tegen manlief en ze liepen de schuur binnen. Daar, afgedekt onder een zeil en een doek, kwam een rode Zundapp uit 1967 te voorschijn. Die nog  kon rijden ook. Manlief was blij verrast en al snel kwamen de verhalen over vakanties met vrienden op de brommer, met ieder onderdelen van een tent op de bagagedrager, afgedekt met de US vlag ( Easy Rider). Verhalen over de vakanties in Duitsland, zittend en drinkend op bierkratjes. Over de brommer die belangrijker was dan de meisjes.

Wederom een bijzondere toevallige ontmoeting. Met een kilo asperges reden we met een glimlach op ons gezicht naar huis.

img_7337-1.jpg

Een toevallige ontmoeting 1. 

Sinds ik gestopt ben met roken, na bijna 2 jaar geleden, probeer ik wat meer te bewegen. Wandelen is een activiteit geworden, die het beste bij mij past: ik pak de benenwagen wanneer het mij uitkomt, niks verplicht op vaste tijdstippen, uurtje over, wandelschoenen aan en er op uit.

Vanochtend tijdens mijn wandeling in het zonnetje ( het is een stralende lentedag in januari) ben ik het buitengebied ingewandeld. Ik ben in de gelukkige omstandigheid dat de uitgestrekte velden en mooie natuur bij mij om de hoek liggen.

Bij één van de boerderijen was een wat oudere man ( noem hem voor het gemak even ” de boer” ) bezig met houtkloven. Het rook er heerlijk naar verse blokken hout.
Ik zei er wat van waarna de boer vroeg of ik ook een hout kachel had. Nee, in een eerdere woning wel maar in de huidige helaas niet.

Hij bleek in voor een praatje en ik ook wel trouwens. We hebben gesproken over hoe mijn schoonvader toen hij nog leefde ook hout verzamelde, waar hij het vandaan haalde en hoe hij uren bezig kon zijn met stapelen. Dat kwam nogal nauw blijkbaar. En over zijn gezondheid. s’Ochtends kon hij wat klussen maar s’ middags moest hij rusten en zich gedeisd houden. Hooguit even iemand helpen een gevangen mol uit een klem halen, dat kon nog wel.

img_3542.jpeg

Vol trots vertelde de boer mij dat hij houtkachels verzamelde. Ik mocht wel even mee in de schuur om te kijken (!?). Ok, heb onze kinderen altijd verteld niet met vreemde mannen mee te gaan, maar deze boer leek me wel betrouwbaar.

Binnen liet de man mij een prachtige Noorse houtkachel zien. Hij verwarmde er een deel van de schuur mee. Als ik mijn voeten even zou vegen mocht ik ook nog mee in een andere ruimte. Mooi, ook daar een houtkachel die hij onlangs via internet had gekocht. De kachel stond in een soort van huiskamer met eethoek en biljart. Biljarten was een andere hobby van hem. Mooi als je zoveel ruimte om je huis hebt dat je dit kunt realiseren.

Na nog even wat ditjes en datjes verteld te hebben bedankte ik hem dat ik even mocht kijken ( beetje ala Man bijt hond) en wandelde weer verder. Nagenietend van deze toevallige ontmoeting. En mij realiserend hoe fijn ik het vind om in een dorp te wonen.