Een nieuwe poging.

Het zat me niet helemaal lekker dat ik mijn blog de laatste maanden verwaarloosde. Heb hier in het verleden zoveel plezier aan beleefd maar op de een of andere manier kwam het er niet meer van. Een van de oorzaken is uiteraard dat ik relatief meer tijd ben gaan besteden aan andere platformen ( diverse twitteraccounts en mijn eigen fanpagina Einnas). Mooi dan ook dat net deze week naar buiten kwam dat je de Facebookberichten kunt embedden op je website. 2 vliegen in 1 klap en een mogelijkheid om mijn blog weer nieuw leven in te blazen. Maar eens even kijken hoe het zich ontwikkelt. Ben benieuwd.

Wat je “pakt” raak je niet gauw meer kwijt.

Bijna 4 jaar alweer, dat social media in mijn leven kwam. Er kwamen toepassingen bij, er vielen toepassingen af. De een kreeg wat meer aandacht, de ander minder. De favoriete onderwerpen kwamen en de favoriete onderwerpen gingen. Maar de conclusie is: Als social media je heeft gepakt, dan raak je het niet meer kwijt.

Hoe staat het nu met mijn social media activiteiten? Hoewel iedereen graag vooruit kijkt, kijk ik graag ook nog een beetje achterom. Bij deze dus.

Twitter.
Twitter is nog steeds mijn favoriete toepassing. Ik twitter onder mijn eigen naam @anniemaessen en merk dat ik met deze account een switch heb gemaakt van een mengelmoes van werk/privé naar vooral professioneel en interesse ( persoonlijk) gerelateerde tweets. Helemaal los te koppelen zijn die niet. Hoewel het aantal tweets inmiddels de 16.000 is gepasseerd is de frequente afgenomen. Dat heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat ik er meerdere accounts ( @inwsonenbreugel en @sonenbreugel12) op na houd. Ik word lokaal nog steeds de “twitterkoningin” genoemd, wat vooral te danken is aan het feit dat ik er redelijk vroeg bij was en de kracht van o.a. Twitter als een soort van ambassadeur uitdraag. En uiteraard bereid ben de een of de ander een stoomcursusje te geven.

Facebook.
Facebook is voor mij in principe een privé- aangelegenheid. Neemt niet weg dat ik ( landelijke) collega’s volg en er regelmatig een mediawijs of social media bericht  op zet of de een of de ander help met prangende vragen ( het bloed kruipt). Reden dan ook om naast mijn profiel pagina een eigen fanpagina te lanceren. Nog geen vliegende start ( ben ook geen merk) maar wat niet is kan nog komen.  Zoek nog naar de juiste insteek.
Mijn FB gebruik is dit jaar flink toegenomen. Ook niet zo vreemd, met een smart-Phone in de hand is een foto zo geplaatst, een interessant artikel of video snel gedeeld. Aangezien ik veel lokale inwoners volg is Facebook ook een mooie toepassing om in contact te komen/ blijven met vrienden, bekenden, ondernemers en overige interessante contacten.

Linkedin.
Mijn profiel op Linkedin heb ik dit jaar regelmatig aangepast. Ook hier op zoek naar de juiste profilering. Als medebeheerder van de groep inwoners gemeente Son en Breugel plaats ik regelmatig een lokaal bericht om de groep te activeren. De laatste maanden zie ik een toename in het gebruik van de groep.  Het aantal deelnemers is opgelopen tot 215. Ik zie deze groep als een mogelijkheid  om leden te informeren of om lokale onderwerpen ter discussie te stellen. De 215 leden hebben een schat aan kennis in huis waar je als lokale samenleving je voordeel mee zou kunnen doen.

Bloggen.
Het aantal  blogs dat ik schreef is naar mijn gevoel dit laatste jaar minimaal en de inhoud redelijk algemeen. Niet dat het me aan tijd of onderwerpen ontbreekt, maar het blijft een doorlopende afweging of je onderwerpen die in je hoofd spoken, nu wel of niet voor publicatie geschikt zijn.
Heb me dit jaar daarom terughoudend opgesteld. Met de aardige bijkomstigheid dat één van de blogs die ik heb geschreven een voor mij maximaal aantal bezoekers ( “best ever”) tot gevolg had. Hoewel 131 voor menigeen een reden zou kunnen zijn om te stoppen, voor mij een uitdaging om toch eens na te gaan of ik de frequentie eens zal opschroeven cq de inhoud eens over een andere boeg ga gooien. Het  “record” aantal bezoekers heeft ook te maken met het feit dat ik voor een nieuw blog, de verschillende hierboven  genoemde toepassingen ben gaan gebruiken om het blog onder de aandacht te brengen van een groter publiek. Staat voor mij vast dat bloggen toch nog steeds een mooie mogelijkheid is om je gedachten eens op een rijtje te zetten. Maar het blijft zoeken naar de juiste “toon”.

Overige toepassingen
Daarnaast zijn er nog meer toepassingen waar ik min of meer actief ben. Denk bijvoorbeeld aan Google+ ( laag pitje), Pinterest, Instagram en maak ik af en toe een YouTube filmpje of las een YT muziekavondje in. Ik gebruik WhatsApp en diverse andere apps.

Wat bereik je er mee.
Deze vraag zal menig outsider zich stellen. Wat ik er mee bereik?
Dat heb ik in 2010 al eens verwoord in een blog op BNBibliotheek. Uit de oude doos maar kortheidshalve verwijs ik hier even naar. Want in de tussentijd is er eigenlijk weinig veranderd. Of misschien juist wel veel?
Over de gespendeerde tijd zal ik het niet hebben. Aangezien  ik fan ben en de meerwaarde ken, voor mij totaal geen punt.
En….. er staat al weer een nieuw mooi lijstje klaar: de verdiepdingen dus…. ik kan nog een tijdje vooruit.

 

Zomaar een tweet.

;

@anniemaessen @antoniamo @industrialpope Weinig resultaat? Jullie tweeps zijn de reden dat ik de bieb nog niet compleet heb opgegeven!

— Pieter Offermans(@StoriesGuy) december 1, 2012

Naar aanleiding van een blog van collega Annette gisteren vond er een twitterconversatie plaats tussen de in de bovenstaande tweet genoemde personen. Met name de tweet van @StoriesGuy is me bijgebleven.

Jullie tweeps zijn de reden dat ik de bieb nog niet heb opgegeven” van Pieter zette me op deze rustige zondagochtend aan het denken.

Wat voegen wij, de tweeps van de werkvloer (die veelvuldig gebruik maken van social media) nou daadwerkelijk toe aan de toekomst van de bibliotheek? Ok, we blijven bij voor wat betreft de ontwikkelingen, denken na over de toekomst, zijn zichtbaar voor de buitenwereld, hebben hart voor ons werk, de werkzaamheden en de lener. En dragen dat ook via social mediakanalen uit. Al of niet met “voorzichtige” of “kritische” bewoordingen.

Zelf heb ik het idee (misschien ten onrechte zeg het maar) dat het niet zo veel uitmaakt wat ik ergens van vind. Annette noemt het “een roepende in de woestijn”. Zo voelt het inderdaad ook voor mij. De organisaties, de politiek, de leners, wat zien zij er van c.q. wat doen zij er mee? En wat doe je dan?
Je terug trekken en denken “het zal mijn tijd wel duren”? Of “Ik kijk wel uit in deze onzekere tijden?”. Laat de ( landelijke)organisaties het maar uitzoeken, die weten wat goed is voor de toekomst!?

Ik betrap me er zelf op dat ik hier steeds meer naar neig. Heb ook, net als Annette, al vele jaren mijn nek uitgestoken als het gaat om het promoten van de bibliotheek en de maatschappelijke waarde. En we staan allebei open voor de digitiale ontwikkelingen en doen er volop aan mee. Al zeg ik het zelf: “Ik was een ware ambassadeur”. Het destijds tentoongespreide optimisme heeft me helaas een beetje verlaten ben ik bang.

Mijn werk doe ik nog met veel plezier. Daar niet van. Door alle bezuinigingen en pessimistische toekomstbeelden probeer ik juist nu in de dagelijkse praktijk nog steeds met verve de klant te bedienen. En de “moderne” kant van de bibliotheekmedewerker te laten zien. Ook naar mijn collega’s. Die er in een aantal gevallen van uit gaan dat het prima is als 1 iemand op de werkvloer verstand heeft van computers, e-readers en social media.

Maar de vraag blijft: Wat voegen we nou daadwerkelijk toe? En is dat wel meetbaar? Misschien heeft Pieter het antwoord? Of anderen?

Collega’s ontmoeten: PTM1711 Tilburg.

Twee keer per jaar, ontmoeten een 10-tal collega’s elkaar IRL. Gisteren was het weer zo ver. Na een Bossche Bollen tweetmeet ( BBTM) in Den Bosch, een Worstenbrood tweetmeet in Breda (WBTM) , nog een Bossche Bollen tweetmeet in Den Bosch, was gisteren Tilburg aan de beurt. Waarom de tweetmeets in het teken staan van lekkernijen is de vraag, maar het beestje hoeft maar een naam te hebben toch? De Tilburgse versie stond in het teken van pepernoten (PTM1711) . Het zegt uiteraard wat over het seizoen, maar de lekkernij betrof dit keer het Toepertoetje of,  zoals Joost Heessels het noemde : “een stoeptegel”. Niet negatief bedoeld wat betreft de kwaliteit van dit gebak maar meer gericht op de “zwaartekracht”.

Collega’s ontmoeten, dat is het doel van een dergelijke bijeenkomst. Elkaar volgen op Twitter is interessant maar uiteindelijk is een ontmoeting IRL , in een ongedwongen sfeer, het doel. Elkaar (beter) leren kennen, ervaringen uitwisselen, ideeën opdoen, bijpraten. En dat alles tijdens, in dit geval, een stadswandeling met een literair tintje o.l.v. Lieke Bullens. Een bezoekje aan de Tilburgse bibliotheek mocht niet ontbreken. Na de biecht was onze hoffotograaf Jan de Waal zo aardig om van ons allen ( van onze zonden ontdaan) ) een mooie profiel foto te maken. De afsluiting vond plaats aan een lange tafel in een Tilburgs  drinkgelag.

Onderstaand een kleine impressie van de middag. Dank aan de organisatoren, de fotograaf en de rest van het gezelschap. Het was weer een TOP ontmoeting.

Vraag aan mezelf (Update).

Volg vandaag via Twitter de bijeenkomst #medewerker30. De vraag die bij me opkomt: Ben ik, met alle lokale (vrijwillige) activiteiten en mijn activiteiten op social media gebied waarbij ik vooral verbindingen wil leggen een medewerker 3.0 ? En zo nee, wat mis ik dan nog? Is er al een checklist misschien? Of is deze (via Petry Hoogenboom) te gebruiken?

20120918-165000.jpg

Update:
Naar aanleiding van dit bericht werd ik in de gelegenheid gesteld een medewerker 3.0 vragenlijst in te vullen. De uitslag was voor mij niet verrassend. Qua “vaardigheden” (digitaal/ netwerken) en “houding” ( open voor veranderingen, flexibel)) niks aan de hand. Integendeel. Qua “omgeving” (regels die je tegenhouden/ bedrijfscultuur die stimuleert) kan het (veel) beter.
Stof tot nadenken!